De Spaanse nationaliteit aanvragen als Belg of Nederlander klinkt ingewikkeld, en online vind je er in het Nederlands nauwelijks betrouwbare informatie over. Bijna alles is geschreven voor immigranten uit Latijns-Amerika, en onze situatie verschilt op één punt sterk: de dubbele nationaliteit. Spanjaard word je op twee manieren: na 1 jaar verblijf als je getrouwd bent met een Spanjaard, of na 10 jaar legaal verblijf.

Ik ben Belg, ik woon in Spanje en ik heb zelf de Spaanse nationaliteit aangevraagd (en gekregen). Ik ben marketeer van opleiding en geen jurist, maar ik heb elk formulier, elke afspraak en elke valkuil van dichtbij meegemaakt. Deze gids is het overzicht dat ik zelf had willen vinden toen ik begon.

Hoeveel jaar moet je in Spanje wonen? Dat hangt af van je situatie:

Jouw situatieJaren legaal verblijfWettelijke basis
Belg of Nederlander, zonder Spaanse partner10 jaarart. 22.1 Código Civil
Getrouwd met een Spanjaard (minstens 1 jaar)1 jaarart. 22.2 Código Civil
Geboren in Spanje, of weduwe of weduwnaar van een Spanjaard1 jaarart. 22.2 Código Civil
Onderdaan van een Ibero-Amerikaans land, Andorra, de Filipijnen, Equatoriaal-Guinea of Portugal2 jaarart. 22.1 Código Civil
Erkend vluchteling5 jaarart. 22.1 Código Civil

EU-burgerschap verkort de termijn niet: als Belg of Nederlander val je onder de eerste of de tweede rij.

Wat is de Spaanse nationaliteit, en verschilt dat van residentie?

Veel mensen halen twee dingen door elkaar: residentie (verblijf) en nationaliteit (staatsburgerschap).

De Spaanse vlag wappert boven de Plaza de Colón in Madrid
De grote Spaanse vlag op de Plaza de Colón in Madrid. Foto: Benjamín Núñez González, CC BY-SA 4.0

  • Residentie is het recht om legaal in Spanje te wonen. Als Belg of Nederlander ben je EU-burger, dus dat recht heb je automatisch. Je schrijft je in en krijgt een NIE (Número de Identidad de Extranjero) met een groen inschrijvingscertificaat.
  • Nationaliteit gaat een stap verder: je wordt dan écht Spaans staatsburger. Je krijgt een DNI (de Spaanse identiteitskaart), een Spaans paspoort, volledig stemrecht en dezelfde rechten als iemand die in Spanje geboren is.

De meeste Belgen en Nederlanders komen bij de nationaliteit uit via naturalisatie door verblijf (nacionalidad por residencia): je bouwt jaren legaal verblijf op en vraagt daarna de nationaliteit aan.

De twee routes in het kort: getrouwd met een Spanjaard (1 jaar) of 10 jaar legaal verblijf

Voor ons zijn er in de praktijk twee wegen naar de Spaanse nationaliteit:

  1. Getrouwd met een Spanjaard: je kunt de nationaliteit al aanvragen na 1 jaar legaal verblijf in Spanje.
  2. De 10 jaar legaal verblijf: de algemene route voor wie geen Spaanse partner (of Spaanse afstamming) heeft.

Het grote verschil zit in de duur van het verblijf dat je nodig hebt. De rest van het proces (examens, documenten, eed, DNI) is grotendeels hetzelfde. Belangrijk: het feit dat je EU-burger bent, geeft je geen kortere termijn. Je valt óf onder de 1 jaar (door je huwelijk), óf onder de 10 jaar.

Route 1: getrouwd met een Spanjaard - aanvragen na 1 jaar verblijf

Ben je getrouwd met een Spaanse partner, dan mag je de nationaliteit al aanvragen na 1 jaar legaal en ononderbroken verblijf in Spanje (artikel 22.2 van de Código Civil). Bij de gewone route is dat 10 jaar.

Twee handen met trouwringen van een bruidspaar
Getrouwd met een Spanjaard: de kortste route naar de nationaliteit. Foto: Melike B / Pexels

Daarvoor moet je aan vier voorwaarden tegelijk voldoen:

  • Het huwelijk (of geregistreerd partnerschap) bestaat minstens 1 jaar op het moment van aanvraag.
  • Het huwelijk is ingeschreven in de Spaanse burgerlijke stand (Registro Civil). Een buitenlandse huwelijksakte alléén volstaat niet.
  • Jullie wonen aantoonbaar samen (een certificado de convivencia of een gezamenlijk empadronamiento).
  • Jullie zijn niet gescheiden, juridisch noch feitelijk.

Daarnaast blijven ook hier de examens CCSE en DELE A2 verplicht, en moet je buena conducta cívica (goed burgerlijk gedrag) aantonen.

Route 2: Spaanse nationaliteit na 10 jaar legaal en ononderbroken verblijf

Heb je geen Spaanse partner en geen Spaanse afstamming? Dan geldt de algemene termijn van 10 jaar legaal, ononderbroken en onmiddellijk aan de aanvraag voorafgaand verblijf (artikel 22.1 Código Civil).

Een roze gevel in Madrid met smeedijzeren balkons en een Spaanse vlag
Een woongebouw in Madrid met de Spaanse vlag op het balkon. Foto: by Natallia / Pexels

Wat telt als "legaal en ononderbroken verblijf"?

  • Je verblijf moet legaal zijn. Voor EU-burgers is het groene NIE-certificaat (het certificado de registro de ciudadano de la Unión) het bewijs, samen met je geschiedenis van inschrijving in de gemeente (empadronamiento) en eventueel je Spaanse arbeidsverleden (vida laboral).
  • Het moet ononderbroken zijn. Lange afwezigheden uit Spanje kunnen de continuïteit breken. In de praktijk wordt bij de tien- en vijfjaarregimes een grens van ongeveer zes maanden afwezigheid gehanteerd; dat komt uit de administratieve praktijk en rechtspraak, niet uit een expliciete dagentelling in de wet zelf.

De verkorte termijnen (die voor ons dus meestal níet gelden) zijn:

  • 5 jaar: erkende vluchtelingen.
  • 2 jaar: onderdanen van oorsprong van Ibero-Amerikaanse landen, Andorra, de Filipijnen, Equatoriaal-Guinea, Portugal, en sefardische Joden.
  • 1 jaar: onder andere geboren in Spanje, of getrouwd met (of weduwe/weduwnaar van) een Spanjaard.

België en Nederland staan op geen enkele verkorte lijst. Zonder Spaanse partner is het dus echt 10 jaar.

Dubbele nationaliteit: behoud je je Belgische of Nederlandse paspoort?

Dit is de vraag die de meeste Belgen en Nederlanders als eerste stellen, en op dit punt gaat veel Nederlandstalige informatie de mist in. Je leest vaak dat Spanje geen dubbele nationaliteit toestaat. Zo eenvoudig is het niet: het antwoord is voor Belgen heel anders dan voor Nederlanders.

De verwarring komt door één stap in de procedure: de zogenaamde renuncia. Spanje heeft een vrijstellingslijst met de Ibero-Amerikaanse landen, Andorra, Portugal, de Filipijnen, Equatoriaal-Guinea en de sefardische Joden. Wie daar níet onder valt, moet bij de eed formeel verklaren afstand te doen van zijn vorige nationaliteit. België en Nederland staan niet op die lijst, dus die verklaring wordt van ons gevraagd.

Of die Spaanse verklaring ook gevolgen heeft voor je Belgische of Nederlandse paspoort, hangt af van het recht van je eigen land. En daarin verschillen België en Nederland sterk.

Belgen: je behoudt je Belgische nationaliteit (regel sinds 28 april 2008)

Voor Belgen is het antwoord geruststellend: je behoudt je Belgische nationaliteit en wordt dus zowel Belg als Spanjaard.

Sinds 28 april 2008 (de datum waarop de wet van 27 december 2006 volledig in werking trad en België zich terugtrok uit een oud verdrag over meervoudige nationaliteit) leidt het vrijwillig verkrijgen van een vreemde nationaliteit niet meer tot verlies van de Belgische nationaliteit. Dat geldt voor elke nationaliteit, en je hoeft er niets voor te doen.

En de Spaanse renuncia? Die heeft naar Belgisch recht geen effect. Volgens het Wetboek van de Belgische nationaliteit doe je alleen afstand van je nationaliteit via een uitdrukkelijke verklaring voor een Belgische ambtenaar van de burgerlijke stand of een Belgisch consulaat, niet voor een Spaanse autoriteit. Spanje vraagt de verklaring dus wel formeel, maar controleert niet of je je oude nationaliteit echt verliest, en België trekt ze niet in.

Nederlanders: wanneer verlies je het Nederlanderschap - en de uitzonderingen

Voor Nederlanders is de regel strenger dan voor Belgen.

De hoofdregel: een meerderjarige Nederlander die vrijwillig een andere nationaliteit verkrijgt, verliest van rechtswege het Nederlanderschap (artikel 15 lid 1 sub a van de Rijkswet op het Nederlanderschap). Spanjaard worden is zo'n vrijwillige verkrijging. Je raakt het Nederlanderschap dus in principe kwijt op de dag dat je de Spaanse nationaliteit krijgt, tenzij een uitzondering van artikel 15 lid 2 geldt.

De drie belangrijkste uitzonderingen die je Nederlanderschap beschermen:

  • (a) je bent geboren in Spanje én je hebt daar je hoofdverblijf op het moment van verkrijging;
  • (b) je hebt vóór je meerderjarigheid minstens 5 jaar onafgebroken in Spanje gewoond;
  • (c) je bent gehuwd met (of geregistreerd partner van) een Spanjaard.

Wat betekent dat concreet voor onze twee routes?

  • Getrouwd met een Spanjaard (route 1): uitzondering (c) is van toepassing. Je behoudt je Nederlanderschap en wordt de facto dubbel Nederlands/Spaans. Voorwaarde: er is een geldig, bestaand huwelijk of geregistreerd partnerschap op het moment van verkrijging (samenwonen alleen telt niet), en je Spaanse partner heeft de Spaanse nationaliteit al. Een latere scheiding of overlijden doet het behoud niet ongedaan.
  • De 10-jaarroute zonder Spaanse partner (route 2): géén van de uitzonderingen geldt, dus je verliest het Nederlanderschap automatisch op de datum waarop je Spanjaard wordt.

Er ligt in Nederland een wetsvoorstel om het verlies bij vrijwillige verkrijging af te schaffen, maar dat is per oktober 2026 nog niet in werking. De verliesregel geldt dus onverkort.

De verplichte examens: CCSE en DELE A2

Voor beide routes moet je twee examens van het Instituto Cervantes halen: het CCSE (kennis van Spanje) en het DELE A2 (taal). Als Belg of Nederlander moet je ze allebei doen. Veel informatie online zegt iets anders, omdat ze geschreven is voor onderdanen van Spaanstalige landen (bijvoorbeeld uit Latijns-Amerika): die zijn vrijgesteld van het DELE en hoeven alléén het CCSE te doen. Wij niet: EU-burgerschap geeft geen enkele vrijstelling voor de taal.

Mensen die aan tafeltjes een schriftelijk examen afleggen in een examenzaal
Een examenzaal, sfeerfoto (niet van het Instituto Cervantes). Foto: Andy Barbour / Pexels

Het CCSE-examen (kennis van Spanje)

Het CCSE (Conocimientos Constitucionales y Socioculturales de España) toetst je kennis van de Spaanse grondwet, de instellingen en de samenleving. In het kort:

  • In totaal 25 vragen, meerkeuze en waar/niet-waar, in ongeveer 45 minuten.
  • De vragen bestrijken vijf kennisgebieden: (1) de regering en wetgeving, (2) de grondrechten en plichten, (3) de territoriale organisatie van Spanje, (4) de geografie, en (5) de cultuur, geschiedenis en samenleving.
  • Ze komen uit een openbaar vragenboek (ongeveer 300 vragen) dat het Instituto Cervantes elk jaar publiceert, dus je kunt heel gericht studeren.
  • Je legt het fysiek af (presencial) in een erkend examencentrum.
  • Je slaagt vanaf 60% (15 van de 25).
  • Kostprijs ongeveer 85 euro; het certificaat is 4 jaar geldig.

In de praktijk is het CCSE goed te doen: met het openbare vragenboek en wat oefenen haal je het meestal zonder veel problemen.

Het DELE A2-examen (taal)

Het DELE A2 is het minimaal vereiste taalniveau voor de nationaliteit. A2 is een basisniveau, maar onderschat het niet: het examen bestaat uit vier onderdelen, verdeeld over twee groepen, en je moet in elke groep apart slagen.

De ingang van het Instituto Cervantes in Madrid met zijn naam in de gevel en een rode banier
Het hoofdgebouw van het Instituto Cervantes in Madrid, dat de DELE- en CCSE-examens organiseert. Foto: Barcex, CC BY-SA 3.0

  • Groep 1, de schriftelijke vaardigheden: leesvaardigheid (max. 25 punten) en schrijfvaardigheid (max. 25 punten). Samen heb je minstens 30 van de 50 nodig.
  • Groep 2, de mondelinge vaardigheden: luistervaardigheid (max. 25 punten) en spreekvaardigheid (max. 25 punten). Ook hier minstens 30 van de 50.

Je eindresultaat is simpelweg APTO (geslaagd) of NO APTO, en je bent pas geslaagd als je in beide groepen die 30 punten haalt. De prijs is ongeveer 140 euro in België en 169 euro in Nederland, en het diploma is onbeperkt geldig.

Nog iets belangrijks: het DELE wordt maar op een paar vaste data per jaar afgenomen (de convocatorias), en je kiest zelf een examencentrum ergens in Spanje.

Welke documenten heb je nodig? (beëdigde vertaling en de meertalige akte uit België/Nederland)

Dit is de lijst die ik voor mijn eigen dossier heb samengesteld. Voor volwassenen komt het neer op:

Een hand die een stempel op een document zet aan een bureau
Een stempel op een officieel document. Foto: Anna Tarazevich / Pexels

  • Volledig paspoort (alle pagina's).
  • Groen EU-inschrijvingsbewijs (het NIE-certificaat) als bewijs van legaal verblijf.
  • Geboorteakte uit België of Nederland. Goed nieuws: voor onze landen volstaat de meertalige (CIEC-)akte, zónder beëdigde vertaling.
  • Strafregisteruittreksel uit je herkomstland (certificado de antecedentes penales), met een beëdigde vertaling door een traductor jurado. Geldig 6 maanden.
  • Empadronamiento: een actueel inschrijvingsbewijs van je gemeente (geldig 3 maanden) én een historisch overzicht van je inschrijvingen.
  • CCSE- en DELE A2-diploma's.
  • Integratiebewijzen: huurcontract of koopakte, rijbewijs, en je vida laboral (arbeidsverleden, geldig 3 maanden).
  • Volmacht (autorización) om je in de procedure te laten vertegenwoordigen, die stel ik voor je op.
  • Betaalbewijs van de tasa 790, código 026.

Wat kost de aanvraag? Tasa 790 (código 026) en de overige uitgaven

De officiële aanvraagtaks (de tasa modelo 790, código 026) bedraagt 104,05 euro (bron: Ministerio de Justicia). Reken daarnaast op:

  • CCSE-examen: ongeveer 85 euro.
  • DELE A2-examen: ongeveer 140 euro (België) of 169 euro (Nederland).
  • Beëdigde vertalingen van je strafregister en eventueel andere stukken.

Het aanvraagproces stap voor stap: online via het Ministerio de Justicia

De aanvraag verloopt (verplicht) elektronisch via de sede electrónica van het Ministerio de Justicia, ondertekend met een digitaal certificaat, AutoFirma of Cl@ve. Je kunt het ook door iemand laten indienen met een volmacht, en dat is precies wat ik voor je doe.

De gevel van het Palacio del Marqués de la Sonora in Madrid, zetel van het Spaanse ministerie van Justitie
Het Ministerio de Justicia in de Calle San Bernardo in Madrid. Foto: Luis García (Zaqarbal), CC BY-SA 3.0 ES

Grofweg verloopt het zo:

  1. Voorbereiden: examens halen (CCSE + DELE A2), alle documenten verzamelen, en laten vertalen waar nodig.
  2. Tasa betalen (modelo 790-026) en het betaalbewijs bewaren.
  3. Dossier indienen via de sede electrónica, met de volmacht als iemand het voor je doet.
  4. Wachten op de beoordeling; de administratie kan aanvullende stukken opvragen.
  5. Beslissing (resolución). Bij goedkeuring volgt de eed.

Doorlooptijd, wachttijden en het silencio administrativo negativo

Wettelijk moet er binnen 1 jaar een beslissing komen. In de praktijk duurt het echter meestal 1 tot 3 jaar, afhankelijk van de werklast van de administratie.

De jura de nacionalidad: de eed en wat de 'renuncia' echt betekent voor jouw paspoort

Word je aanvraag goedgekeurd, dan moet je binnen 180 dagen na de kennisgeving de jura (of promesa) afleggen: de eed van trouw aan de Koning en gehoorzaamheid aan de grondwet. Dat kan voor de Registro Civil van je gemeente of voor een notaris.

Bij die eed leg je ook de renuncia af: de formele verklaring dat je afstand doet van je vorige nationaliteit. Zoals ik hierboven uitlegde:

  • voor Belgen is dat een lege formaliteit, je blijft Belg;
  • voor Nederlanders zonder Spaanse partner is het het moment waarop het Nederlanderschap van rechtswege verloren gaat; mét Spaanse partner blijf je beide houden.

Na goedkeuring: inschrijving in het Registro Civil, DNI en Spaans paspoort

Na de eed volgt het leukste stuk:

  1. Inschrijving in de Registro Civil en een Spaanse geboorteakte op jouw naam.
  2. Je eerste DNI en eerste Spaanse paspoort, aan te vragen bij de Policía Nacional.
  3. Het certificado de concordancia: een document dat je oude identiteit (met je NIE en je Belgische of Nederlandse paspoort) koppelt aan je nieuwe Spaanse identiteit (je DNI). Je hebt het nodig om overal (banken, overheidsdiensten, verzekeraars) je gegevens te laten bijwerken zodat je oude en nieuwe identiteit als één en dezelfde persoon herkend worden.

Zelf aanvragen of je dossier laten begeleiden?

Je kunt dit allemaal zelf doen, maar het is een lang traject met veel losse onderdelen (examens, beëdigde vertalingen, termijnen die verlopen, een dossier dat digitaal ondertekend en foutloos ingediend moet worden), en één ontbrekend of verlopen stuk kan maanden vertraging of een afwijzing betekenen.

Veelgestelde vragen over de Spaanse nationaliteit

Verlies ik mijn Belgische nationaliteit als ik de Spaanse aanneem?

Nee. Sinds 28 april 2008 (de wet van 27 december 2006) verliest een Belg zijn Belgische nationaliteit niet meer wanneer hij vrijwillig een andere nationaliteit verkrijgt. Je mag dus zowel Belg als Spanjaard zijn. Spanje vraagt bij de eed wel een formele verklaring van afstand (de renuncia), maar die heeft naar Belgisch recht geen gevolg: echt afstand doen kan alleen via een aparte verklaring voor een Belgische ambtenaar of consulaat. In de praktijk behoud je dus beide paspoorten.

Heb ik als Belg een dubbele nationaliteit als ik Spaans word?

Ja. Sinds 28 april 2008 verliest een Belg zijn Belgische nationaliteit niet meer wanneer hij vrijwillig een andere nationaliteit aanneemt. Word je Spaans, dan ben je dus Belg en Spanjaard tegelijk, met twee paspoorten. De renuncia die Spanje bij de eed vraagt, verandert daar naar Belgisch recht niets aan. Wil je de Belgische nationaliteit toch kwijt, dan moet je daar zelf apart afstand van doen bij een Belgische ambtenaar of een Belgisch consulaat.

Verlies ik mijn Nederlandse nationaliteit als ik Spaans word?

Als hoofdregel wel. Een meerderjarige Nederlander die vrijwillig de Spaanse nationaliteit verkrijgt, verliest van rechtswege het Nederlanderschap (artikel 15 Rijkswet op het Nederlanderschap), tenzij een uitzondering geldt. De belangrijkste uitzondering is een huwelijk of geregistreerd partnerschap met een Spanjaard. Wie via de route van 10 jaar verblijf naturaliseert en niet met een Spanjaard getrouwd is, raakt het Nederlanderschap in beginsel kwijt.

Kan ik als Nederlander getrouwd met een Spanjaard mijn Nederlandse nationaliteit behouden?

Ja. Artikel 15 lid 2 sub c van de Rijkswet op het Nederlanderschap maakt een uitzondering voor wie gehuwd is met (of geregistreerd partner is van) iemand die de nationaliteit bezit die je aanneemt. Er moet een geldig, bestaand huwelijk of partnerschap zijn op het moment dat je de Spaanse nationaliteit verkrijgt; louter samenwonen telt niet. Een latere scheiding of overlijden doet het behoud niet teniet.

Hoeveel jaar moet je legaal in Spanje wonen voor de Spaanse nationaliteit?

Voor Belgen en Nederlanders is de hoofdregel 10 jaar legaal en ononderbroken verblijf, onmiddellijk voorafgaand aan de aanvraag. EU-burgerschap geeft geen kortere termijn. Ben je getrouwd met een Spanjaard, dan volstaat 1 jaar verblijf. Er bestaan nog enkele bijzondere gevallen met 1 jaar, zoals geboren zijn in Spanje of weduwe/weduwnaar zijn van een Spanjaard.

Kun je na een huwelijk met een Spanjaard sneller de Spaanse nationaliteit krijgen?

Ja. Getrouwd met een Spanjaard kun je de nationaliteit al aanvragen na 1 jaar legaal verblijf in Spanje. Voorwaarden: het huwelijk moet minstens 1 jaar bestaan en ingeschreven zijn in de Spaanse burgerlijke stand, jullie moeten aantoonbaar samenwonen, en jullie mogen niet gescheiden zijn (juridisch of feitelijk). De examens CCSE en DELE A2 blijven ook dan verplicht.

Welke examens heb je nodig voor de Spaanse nationaliteit?

Twee: het CCSE (kennis van de grondwet en de Spaanse samenleving) en het DELE A2 (Spaanse taal), beide van het Instituto Cervantes. Belgen en Nederlanders moeten allebei de examens halen; EU-burgerschap geeft geen vrijstelling.

Ben ik als Belg of Nederlander vrijgesteld van het DELE A2-examen?

Niet op grond van je nationaliteit of EU-burgerschap. Vrijstelling van het DELE A2 kan wel via andere wegen: bijvoorbeeld als je al een DELE-diploma A2 of hoger hebt, een A2/B1/B2-certificaat van een officiële talenschool (EOI), of je je onderwijs in het Spaans in Spanje hebt afgerond. Het CCSE is vrijwel altijd verplicht.

Wat kost het om de Spaanse nationaliteit aan te vragen in 2026?

De aanvraagtaks (tasa modelo 790, código 026) bedraagt officieel 104,05 euro. Daar komen bovenop: het CCSE-examen (ongeveer 85 euro), het DELE A2 (ongeveer 140 euro in België, 169 euro in Nederland) en de kosten voor beëdigde vertalingen. Bedragen kunnen jaarlijks wijzigen; controleer het actuele bedrag op de site van het Ministerio de Justicia.

Hoe lang duurt het aanvragen van de Spaanse nationaliteit?

Wettelijk moet er binnen 1 jaar een beslissing komen, maar in de praktijk duurt het meestal 1 tot 3 jaar. Let op: als er na een jaar geen uitdrukkelijke beslissing is, geldt dat juridisch als een afwijzing (silencio administrativo negativo), niet als een goedkeuring.

Welke documenten heb ik nodig voor de aanvraag?

Onder meer: je volledige paspoort, je groene EU-inschrijvingsbewijs (het NIE-certificaat), een geboorteakte uit België of Nederland (de meertalige akte volstaat, zonder beëdigde vertaling), een strafregisteruittreksel uit je herkomstland (met een beëdigde vertaling, geldig 6 maanden), een actueel en een historisch inschrijvingsbewijs van de gemeente (empadronamiento), je CCSE- en DELE A2-diploma's, integratiebewijzen (huur- of koopcontract, rijbewijs, arbeidsverleden) en het betaalbewijs van de tasa 790-026.

Wat is de jura de nacionalidad en wat betekent de renuncia?

De jura is de eed van trouw aan de Koning en gehoorzaamheid aan de grondwet, die je na goedkeuring aflegt voor de burgerlijke stand of een notaris. Daarbij verklaar je ook formeel afstand te doen van je vorige nationaliteit (de renuncia), omdat België en Nederland niet op de Spaanse vrijstellingslijst staan. Voor Belgen heeft die verklaring geen echt gevolg; voor Nederlanders zonder Spaanse partner ligt dat anders.

Wat is het verschil tussen residentie (verblijf) en de Spaanse nationaliteit?

Residentie is het recht om in Spanje te wonen; als EU-burger heb je dat via je inschrijving (NIE). De nationaliteit maakt je Spaans staatsburger, met een DNI, een Spaans paspoort en stemrecht. Nationaliteit bouwt meestal voort op jaren legaal verblijf, maar het is een aparte, verdergaande stap.